Categorieën

Elke sportbeweging waarbij een bal wordt geslagen, of een voorwerp ver wordt weg gegooid is gebaseerd op het draaien van de romp. Deze rompdraai creëert snelheid en de lange ontspannen armen kunnen dan versnelling geven. Dus ook in de golfswing is dit een belangrijke beweging. Het draaien van de romp leidt tot het verplaatsen van de schouders en vandaar dat we vaak zeggen dat we in de achterzwaai de schouders achter de bal draaien. Eigenlijk zou je moeten zeggen dat we de romp zover draaien dat de schouder achter de bal komt.

Schouder draai

Hoe groter de draai van de romp hoe meer snelheid het lichaam kan maken en des te meer snelheid we kunnen overbrengen op de club.

Om een goede schouder draai te maken is het van belang dat de wervelkolom vrij recht blijft. Staan we teveel gebogen, dan kunnen we veel minder goed draaien. Dus de wervel kolom moet in een 'neutrale stand' staan. Daarnaast is het ook van belang dat de wervel kolom makkelijk beweegt. Deze beweging wordt vaak beperkt door de lenigheid van de spieren en de flexibiliteit van de pezen. Ben je lenig in dit gedeelte, dan kan je een grote draai maken. Ben je stijver in dit gedeelte, dan zal de beweging beperkt zijn.

Ook zal een draai van de romp en hiermee het vlak waarop de schouders draaien, bepalen of je makkelijk de club in het juiste vlak terug kunt zwaaien. Een veel gemaakte fout is het optillen van de linkerschouder, waardoor het zwaaivlak waarop de club wordt gezwaaid afvlakt. Wil je vanuit deze positie de club weer terug zwaaien, dan moet deze schouder eerst naar beneden worden gebracht. Deze beweging zal vaak leiden tot het minder constant raken van de bal en ook leiden tot verlies van energie en snelheid.


Terug naar het overzicht met alle golf informatie van Golf123.nl